Gesprekken

4 redenen voor verliefdheidsvermindering

‘Ik heb al een tijdje verkering, maar ik merk dat ik veel minder verliefd ben. Zit het wel goed?’

Dit is een vraag van veel meiden. Want als je je niet (meer) verliefd voelt, dan kan het toch niet goed zitten? Vier redenen waarom je verliefdheid kan afnemen.

1. De ‘exasefase’ komt aan een einde

Oh, wat zou het heerlijk zijn… maar helaas, die verliefdheid is niet voor eeuwig. En dat is maar goed ook! Door die verliefdheid ga je minder eten, is je focus grotendeels op één ding (eh, iemand…) gericht en ben je daarom tot weinig andere dingen in staat. Maar die verliefdheid zorgt er ook voor dat je eerst al het leuke van iemand ziet, en dat is eigenlijk supermooi dat het zo werkt. Hij ziet ook eerst alleen maar leuke dingen in jou. Jullie zijn allebei fantastisch en je kunt je niet voorstellen dat dat ooit voorbij gaat! Na een tijdje ga je het allemaal wat realistischer bekijken, ga je jezelf weer wat gewoner voelen en zie je opeens ook dat die ander ook dingen heeft die helemaal niet zo leuk zijn. En dan is de vraag: wil je jezelf echt aan diegene verbinden? Ook als hij zijn mindere momenten heeft of je even stevig van hem baalt. Na die verliefdheid komt dus de vraag: accepteer jij die ander helemaal hoe hij echt is?

2. Je beeld van verliefdheid is te sprookjesachtig

Om je heen zie je alleen maar ongelooflijk verliefde stellen. Tja, mensen laten zich nu eenmaal graag van hun beste kant zien. Op feestjes ziet ieder stel er op z’n best en verliefd uit en op Instagram zie je de leukste verliefde foto’s langskomen. Maar geloof me, de realiteit is niet alleen verliefdheid. Echt niet. Ruzies staan niet op Instagram en de net-uit-bed-look met chagrijnige blikken zie je niet op een feestje. Als je beeld van verliefdheid (van anderen) nogal geromantiseerd is, is het logisch dat je aan jezelf gaat twijfelen. Ik zeg: ode aan degene die realistisch over hun relatie praten!

3. Je was verliefd op het verliefd-zijn

Het leek ook jou zo leuk, heerlijk verliefd zijn! Maar ja, dan heb je wel iemand nodig op wie je verliefd kan zijn. Het is niet zo ingewikkeld om jezelf ‘verliefd te maken’, omdat het ook gewoon heerlijk is om door iemand leuk gevonden te worden, en dan ben je wat sneller tevreden met de ‘persoon in kwestie’. Maar verliefd op het verliefd-zijn dooft snel uit. Je voelt je een beetje opgelaten als je echt samen bent en je moet er echt je best voor doen om ervan te genieten.

4. Jullie zijn geen match voor een stel

En dat wat je zelf misschien wel denkt, kan natuurlijk ook gewoon echt zo zijn. Dat jullie na die verliefdheid gewoon niet matchen. Je moet vervelende dingen van elkaar accepteren, maar je steeds irriteren aan de ander is nooit de bedoeling van een relatie. En hoewel de verliefdheid weg kan gaan, ben je wel echt gek op de ander… is er steeds iets kleins wat je met liefde aan de ander doet denken.

Wel ’s één van deze vier opties langs zien komen bij jezelf? Verliefd zijn is naast superleuk, soms ook gewoon superingewikkeld…

Ruth Tanghe werkt als jongerenwerker bij de HGJB. In de zomer van 2016 komt een boekje voor tieners uit over seksualiteit dat ze samen met collega Ruben Vlot heeft geschreven.

 

Bron: Huis van Belle

Herken jij dit verschijnsel? Vind je dat jammer? Probeer je het verliefdheidsgevoel soms weer terug te krijgen? Hoe dan?

Het Nieuwe Testament bevat meer geboden dan de Tora

Velen zijn zich er niet van bewust dat er in het Nieuwe Testament meer geboden staan dan de 613 geboden die Joden in de Tora tellen. Er staan ruim 1000 geboden in het Nieuwe Testament en zelfs wanneer we alle doublures eruit halen houden we nog rond de 800 geboden over. Dat is altijd nog meer dan de 613 geboden in de Tora.

Een nieuw verbond
Nu zijn deze geboden in het Nieuwe Testament niet bedoeld om erdoor te worden gerechtvaardigd of om nog iets aan de genade toe te voegen. Maar ze maken wel deel uit van een Nieuw verbond.

De profeet Jeremia profeteerde al over dit Nieuwe Verbond. Het kenmerk van dit verbond is dat de geboden Gods voortaan door de Heilige Geest in de harten zouden worden geschreven in plaats van op steen (Jeremia 31:33, 40, vgl. Hebreeën 8:10 en 10:16). De wetten die in steen gegrift waren konden namelijk geen leven brengen, daarvoor moest de Geest komen (2 Korinthiërs 3:6-12).

De wet is zelf niet slecht (Romeinen 7:12, 1 Timotheüs 1:8), maar de mens is niet in staat haar te houden. Daarom is het nodig om met Christus te sterven (Kolossenzen 3:3, Romeinen 6:8, Galaten 2:19), om daarna in Hem weer op te staan (Kolossenzen 2:12, 3:1, Romeinen 6:5-1, Galaten 2:20).

Allen die met Christus zijn gestorven en opgestaan zijn voortaan dood voor de wet. En dat niet door werken maar door genade (2 Timotheüs 1:9).

De wet van Christus
Maar nu de genade is gekomen, betekent dat niet dat we nu vrij zijn om te zondigen of in zonde te leven (zie bijvoorbeeld 1 Korinthiërs 6:10).
Wanneer we met Christus sterven en verrijzen, waarbij ook de doop hoort (Romeinen 6:4, Kolossenzen 2;12), vallen we voortaan onder een andere wet; de wet van Christus.

Gelovigen zijn dus niet zonder wet, zoals wel wordt gedacht. Want allen die onder het Nieuwe Verbond leven, vallen voortaan onder de wet van Christus (vgl. 1 Korinthiërs 9:21 en Galaten 6:2), dat is de wet van Geest des levens (Romeinen 8:2).
Jezus gebood Zijn leerlingen meermaals om Zijn geboden te onderhouden (zie bijvoorbeeld: Johannes 14:15-21, 15:10). We zien echter ook in Jezus’ onderwijs dat Hij de Tora strikter toepaste dan dat de Farizeeën dat deden (zie bijvoorbeeld Mattheüs 5:20-44).


Ruim 1000 geboden

In het Nieuwe Testament worden op allerlei plaatsen voorschriften genoemd die onder de wet van Christus vallen.Het merendeel van deze geboden vinden we ook terug in de Tora. Maar nooit worden geboden die expliciet voor het verbond van Israël gelden, waaronder de besnijdenis, aan gelovigen uit de volken opgelegd. Veel geboden in de wet van Mozes zijn overigens voor specifieke groepen bedoeld, waaronder priesters, koningen, mannen, vrouwen, melaatsen of vreemdelingen. Nooit zijn alle geboden op iedereen van toepassing geweest. In het Nieuwe Testament blijft dat onveranderd. Dit betekent dat niet-Joodse gelovigen dus vrij zijn van het gebod om schouwdraden (tsitsiot) te dragen (Numeri 15:38) of zich te laten besnijden (zie Galaten 5).

Door Gods Geest wordt de wet Christus voortdurend in herinnering gebracht (Johannes 14:26). Maar ook  helpt Hij ons om ze in ons dagelijks leven te implementeren en om de werkingen van het vlees te doden (Romeinen 8:13 en 14, Johannes 14:23-26). Het is niet langer een wet op steen, maar nu in de harten van de gelovigen geschreven (2 Korinthiërs 3:3-9).

Finnis Jennings Dake heeft de geboden in het Nieuwe Testament enigszins gerubriceerd. Hij vond daarbij 1050 ‘geboden’. Hier geven wij de lijst weer die door hem is gemaakt. Hij heeft de geboden in 69 categorieën onderverdeeld. Deze omvatten elk aspect van het menselijke leven in zijn relatie tot God en tot zijn medemens.

Bekijk hier alle 1050 geboden

Bron: CIP
Ervaar jij strijd tussen wet en genade? Ervaar jij dat Gods Geest je helpt?

8 Bijbelverzen die waarschuwen tegen een lauw geloof

De Heere Jezus heeft verschillende keren gewaarschuwd tegen een lauw geloofsleven. We hebben het hier over christenen die er niet voor kiezen om op alle gebieden van hun leven de Heer na te volgen. Als het gaat om Jezus volgen bestaat er geen grijs gebied, is de overtuiging van Alannah Francis. In Christian Today deelt zij acht Bijbelverzen waarin dit duidelijk wordt gemaakt.

1 Johannes 2:15-16

Heb de wereld niet lief en ook niet wat in de wereld is.  Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem. Want al wat in de wereld is: de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven, is niet uit de Vader, maar is uit de wereld.

Titus 1:16
Zij belijden dat zij God kennen, maar zij verloochenen Hem met hun werken, aangezien zij verfoeilijk zijn en ongehoorzaam en tot elk goed werk ongeschikt.

Mattheüs 7:21-23
Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is. Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan? Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend;  ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!

Lukas 6:46

Waarom noemt u Mij: Heere, Heere, en doet niet wat Ik zeg?

Openbaring 3:15-16
Ik ken uw werken, en weet dat u niet koud en niet heet bent. Was u maar koud of heet! Maar omdat u lauw bent en niet koud en ook niet heet, zal Ik u uit Mijn mond spuwen.

1 Korinthe 13:2
En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets.

2 Korinthe 13:5
Onderzoek uzelf of u in het geloof bent, beproef uzelf. Of weet u niet van uzelf dat Jezus Christus in u is? Of het moet zijn dat u op enigerlei wijze verwerpelijk bent.

Jesaja 29:13
De Heere zei: Omdat dit volk tot Mij nadert met zijn mond en zij Mij eren met hun lippen, maar hun hart ver van Mij houden, en hun vrees voor Mij slechts een aangeleerd gebod van mensen is.

Bron: CIP

Word jij onzeker van dit soort teksten? Of triggert het je ten positieve?

Gewoon afbreken die kerken

De secretaris van de Remonstrantse Broederschap, Tom Mikkers, vindt dat kerken die homo’s discrimineren de ANBI-status moeten verliezen. Kerken die homo’s geen ruim baan geven, verdienen volgens hem geen belastingvoordeel. Ik vind het een slap voorstel. Waarom niet gelijk doorpakken? Gewoon afbreken die kerken.

Daar hebben ze in China een succesvol programma voor en ook in Soedan zijn ze daar druk mee bezig. In dat Afrikaanse land hebben ze gelijk ook een wet aangenomen die verbiedt dat er nog nieuwe christelijke kerken gebouwd mogen worden. Kijk, dat zet tenminste zoden aan de dijk. En met een beetje speurwerk moet er in oude Sovjetarchieven ook nog wel een draaiboek te vinden zijn over hoe ze daar vroeger de kerken bij de les hielden.

‘Kerken die homo’s discrimineren en daarmee het overheidsbeleid doorkruisen, verdienen geen belastingvoordeel.’ Zo eenvoudig kan het zijn. De kerk als dienares van de overheid.

We lazen het dinsdag in het Nederlands Dagblad. De Remonstrantse overdenking is geschreven naar aanleiding van het recent verschenen rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau: ‘De acceptatie van homoseksualiteit door etnische en religieuze groepen in Nederland’. Het is een update over de voortgang van acceptatie van homoseksualiteit in onze samenleving. De strekking van het rapport is: het gaat vooruit, maar niet hard genoeg. Vooral die vermaledijde orthodox-religieuze gemeenschappen willen maar niet met het overheidsdenken mee. In die kringen is er geen sprake van verbetering.

Meer openheid en begrip

Ik ben geneigd deze laatste bewering te ontkenen. Er is in orthodoxe kring beslist wel veel veranderd. Er is meer openheid en meer begrip gekomen. Er wordt daar serieus gezocht naar een manier om respectvol met elkaar om te gaan, maar dan wel zonder je Bijbelse principes in te leveren. Een boeiend proces. Niet elk proces hoeft toch te leiden tot volledige acceptatie van elkaars standpunten? Persoonlijk vind ik samenleven pas boeiend worden als je er heel verschillende meningen op na houdt. Dan komt het er op aan.

Discriminatie, tolerantie en acceptatie: het zijn begrippen die enige doordenking vragen. Het is toch te simpel om te veronderstellen dat elke discussie moet uitdraaien op het volledige aanvaarding van de in de samenleving dominerende standpunten? Als je dat nastreeft kom je onvermijdelijk uit bij die Sovjetpraktijken.

Bron: Habakuk.nu

Hoe ga je respectvol met elkaar om, maar dan wel zonder je Bijbelse principes in te leveren? Moet je de Bijbelteksten naast je neerleggen en de achterliggende gedachte bespreken?

EO jongerendag, 1x maar nooit weer

Ja hoor… 32 jaar en dan je debuut maken als EO jongerendag bezoeker. Een lang gekoesterde droom? Nee.. eerlijk gezegd niet.. Mijn interesse was puur zakelijk, goed om het bedrijf te leren kennen als nieuwbakken medewerker bij deze omroep.

Ik was al wel bekend met het fenomeen. Het evangelie is bij mij met de paplepel ingegoten, via mijn oren, heeft het mijn hart gevuld. Door mijn redelijk introverte beleving van mijn geloof, heb ik nooit de behoefte gehad om de massaliteit op te zoeken, zoals bij een EO jongerendag. Mijn relatie met God is persoonlijk, daar hoeven niet heel veel mensen bij te zijn. Het bijzondere is wel, dat ik graag uit mijn dak ga op “heidense” dance festivals. Waar zit dan het verschil in? Dat is misschien voor later.. Dit stuk gaat over mijn eerste keer EOJD.

Lang, kort, dik, dun, acne, perzikhuidje, blank, donker, onzeker, arrogant, schuchter, sociaal, blond, kaal, sandalen, jimmy choo. Alles liep er rond. En dan heb ik het dus alleen maar over de uiterlijke kenmerken. Ik maak mij een voorstelling, wat voor achtergronden die jongeren allemaal hebben. Onze God, uitvinder van kleur en vorm, heeft elk mens uniek gemaakt. Hij is fan van diversiteit. Elke bezoeker heeft zijn eigen verhaal. Zijn eigen motief om te komen: God is liefde of (opz’nminst, enigszins) een interessant fenomeen.

Het ene moment zitten ze keurig met de benen over elkaar, alsof ze weer 5 jaar oud zijn, in een kringetje zakdoekje-te-leggen (voor de meeste is dat niet heeel lang geleden). Het andere moment staan ze te schreeuwen alsof Justin Bieber hun recht in de ogen aankijkt en zegt dat zij de ware is. Soms wordt er harder gejuicht bij de naam van de zanger, dan bij de naam van Jezus. Terwijl de zanger de hele tijd omhoog wijst, zo van: ik ben niet voor mezelf aan het zingen?! maar voor Hem! Lijkt me soms lastig om zo’n niche artiest te zijn. Twijfel over motieven schieten even door mijn hoofd.. Gelukkig maar heel even, want:

De jongeren luisteren naar de woorden, buigen hun hoofd, zingen vol passie. De jongeren die aanwezig zijn, worden geraakt. Ik zie dat, ik merk dat, ik vind het prachtig. Jongeren die zogenaamd alleen geraakt kunnen worden, door de vluchtige content op hun schermpje voor hun neus. Zij worden geraakt door de woorden, de muziek, de stilte, de eenheid, het besef dat God van hun houdt. Of.. misschien gebeurd er (nog) helemaal niks in hun hart, vinden ze het allemaal maar een beetje raar. Ze hebben in ieder geval een herinnering opgebouwd. En je weet nooit wat dat nog voor gevolgen heeft.

Pessimisten die denken, dat de Geest zijn werk heeft gedaan in Nederland in de jaren 60 en momenteel vooral aan het werk is in Azië en Afrika? Een jongere gaat naar zo’n evenement op zijn/ haar vrije zaterdag. Denk je nou werkelijk dat het 100% mensenwerk is..?

Dit jaar is het weer. Ik ben niet van de partij. Niet alleen om mijn leeftijd. Ik ga weer naar een ander feest. Ik ben super blij dat het bestaat. Maar het is niet voor mij. Ik heb daar vrede mee. Want God is de uitvinder van kleuren en vormen, weet je nog?

Ga jij (weleens) naar de EOJD? Wat is voor jou het hoogtepunt?

  • avatar

Twijfelpacifist

Soms denk ik dat ik een pacifist ben. Nee, geen pacifist die met spandoeken loopt te zwaaien. Noem me maar ‘twijfelpacifist’. Want sprak Christus de vredestichters niet zalig? Zijn eigen leven was een toonbeeld van geweldloosheid: ‘Hij werd mishandeld, maar Hij liet zich verdrukken en deed Zijn mond niet open; als een lam dat ter slachting geleid wordt…’

Geïnspireerd door de Bergrede riep Gandhi (foto) op tot geweldloos verzet tegen de Britse overheersing in India. De zendeling Stanley Jones vroeg hem eens: ‘U citeert vaak de woorden van Christus, waarom is er dan zo’n duidelijke afkeer bij u om een volgeling van Hem te worden?’ Gandhi antwoordde: ‘O, ik verwerp Christus niet. Ik houd van hem. Het is alleen dat zoveel christenen zo weinig lijken op hun Christus. Als christenen echt zouden leven naar wat ze lezen in de Bijbel, zou heel India nu christen zijn.

Ik denk ook aan de heilige Franciscus. De kruistochten naar het Heilige Land vond hij niet in de Geest van Christus. Dus maakte Franciscus in 1218 een alternatieve kruistocht, met als enige wapens gebed, liefde en barmhartigheid. Prachtig toch? De Waldenzen waren een groep volgelingen van Christus die hevig vervolgd zijn. Ze vochten niet terug, geïnspireerd door het voorbeeld van Jezus. Ook de Quakers keurden geweld af. Voor hen was en is het verkeerd om beroepsmilitair te worden. Want oorlog bevordert haat, bedrog, wreedheid. Het besmet hele gemeenschappen met woede, angst, trots en liefdeloosheid. ‘Dergelijke harstochten doven het Innerlijke Licht.’ Het waren ook de Quakers die slavernij radicaal afkeurden terwijl het gros van de christenen daar nog geen probleem in zag.

Een spaak in het wiel steken

En toch. Ik ben een twijfelpacifist. Want ik heb wel makkelijk praten hier in Nederland. Wat weet ik nou helemaal van al dat moordend onrecht in de wereld? Moet je je kinderen laten vermoorden onder het motto van ‘de andere wang toekeren’? En hoe zit het met al die Amerikanen en Canadezen die – vaak amper volwassen – op het strand van Normandië hun leven gaven voor mijn vrijheid? Zeg ik: ‘Van mij had het niet gehoeven’? Ik denk ook aan Dietrich Bonhoeffer. Een predikant die, geïnspireerd door de Bergrede en door Gandhi, jarenlang pacifist was. Maar later kwam hij op andere gedachten. Hij vond het bewind van Hitler zo demonisch, dat hij het gerechtvaardigd vond om ‘een spaak in het wiel te steken’. Hij hielp mee aan een aanslag op de Führer, die overigens mislukte.

Wanneer vecht je, wanneer vlucht je, wanneer laat je je meevoeren als een lam? Of geeft de Geest hier raad over als het nodig is? In zijn ‘Ethiek’ stelt Bonhoeffer: ‘Jezus leeft en handelt niet vanuit het weten van goed en kwaad, maar vanuit de wil van God.’ In het kennen van Zijn wil, komt het op gebed aan. ‘Verberg Uw geboden niet voor mij.’

Auteur: Gertjan de Jong op Habakuk.nu

Zou heel Nederland christelijk worden als christenen leefden zoals Jezus?

Originaliteit als opdracht

Christelijke toespraken, artikelen en boeken hebben doorgaans een hoog ‘leuk gezegd, maar dat weten we nu wel’ gehalte. Ofwel, oude wijn in oude zakken. Gedeeltelijk ligt dat aan ons. We willen nu eenmaal graag horen wat we al weten. In sommige kringen kunnen mensen niet zonder hun wekelijkse donderpreek. In andere kringen gaan ze weer fris de week in na een emotionele aanbiddingsdienst en een preek over hoe de Heer al onze problemen gaat oplossen. Anderen horen niets liever dan een uiteenzetting over hoe het nu echt zit met het verbond, al weten ze dat allang. We horen de bekende klanken en dat bevestigt ons in onze overtuiging. Daardoor krijgen sprekers en schrijvers die zich aan de verwachtingen van hun doelgroep houden volop complimentjes en wordt hun status onaantastbaar. Ook als alles wat ze zeggen en schrijven een aaneenrijging is van open deuren en ze zichzelf al twintig jaar herhalen.

Nee, originaliteit staat niet in het rijtje geestesgaven en voorspelbaarheid is geen zonde. Of toch? Want de onvoorstelbare voorspelbaarheid heeft wel degelijk te maken met zonden, namelijk die van luiheid en ijdelheid. Veel christenen zijn te lui om echt de Bijbel in te duiken, goede boeken te lezen en naar anderen te luisteren. Daardoor hebben ze niet de benodigde diepgang om woorden te spreken en te schrijven die profetisch inzicht tonen en iets toevoegen aan de vele clichés die rondgaan. In plaats dat hun woorden mensen opwekken en prikkelen, sussen ze hun hoorders in slaap.

De ander zonde is die van ijdelheid. Er zijn genoeg christenen die willen scoren met leuke oneliners en ontroerende verhaaltjes die ze napraten van anderen. Ook christenen die niets te zeggen hebben wat de moeite van het horen waard is, hijsen zichzelf op podiums en vinden altijd wel een gehoor dat dom genoeg is om hen de bevestiging te geven die ze zoeken.

Schat van wijsheid

Originaliteit daarentegen ligt besloten in de scheppingsopdracht. God gaf ons een wereld met ongekende mogelijkheden en Hij gaf ons een geest die in staat was te denken, te experimenteren, er te onderzoeken, om deze aarde te bewerken, besturen en ontwikkelen. Hij gaf ons zijn woorden, een schat van wijsheid, die elke keer weer nieuw licht werpt op de gebeurtenissen in de wereld en in ons leven. Als we tenminste de moeite nemen om die woorden te onderzoeken, en ons af te vragen wat de Geest vandaag tot de gemeente zegt. (Niet wat in de mode is om te zeggen, of wat er van ons verwacht wordt.)

Met alle veranderingen in de kerk en ons land, en de instabiliteit op het wereldtoneel, is het een aanfluiting dat we ons als kerk de irrelevantie in leuteren. Weg met de vragen en antwoorden van de vorige eeuw. Stop met schouderklopjes en ijdeltuiterij. Er is geen tijd meer voor uitgebreide geestelijke zelfbevrediging en clubjesmentaliteit. Laten er alsjeblieft leiders opstaan die niet alleen hun schapen naar grazige weiden kunnen leiden, maar ze ook kunnen voorgaan in de strijd. De strijd die telkens op nieuwe fronten gevochten moet worden, en waar we de oorlog niet gaan winnen met de fijne toespraken en mooie clichés.

Auteur: Kim ter Berghe op Habakuk.nu

Hoor jij liever goede vragen? Of krijg je liever pasklare antwoorden?

  • avatar

Niemand weet hoe je papa’s maakt

‘Er zijn duizenden popnummers die over van alles en nog wat gaan, maar nuchter beschouwd lege woorden zijn’, zo beweerde een ex-popmuzikant onlangs op CIP.nl. Dat is zeker geen onzin. En toch, er zijn uitzonderingen. Neem de Belgische artiest Stromae, razend populair in Europa en nu bezig aan een opmars in de VS. Zijn muziek is een unieke mix van hiphop, dance en Franse chansons. Zijn gepassioneerde uitvoering doet denken aan Jacques Brel. En net als bij Brel gaan zijn teksten echt ergens over!

Neem het lied ‘Carmen’, dat gaat over de soms vernietigende uitwerking van social media op je leven en je ziel. In de bijbehorende videoclip zie je hoe een Twittervogeltje op een dag komt binnen fladderen. De eerste dagen is het allemaal nog leuk en spannend, maar al snel gaat het vogeltje steeds meer ruimte voor zichzelf opeisen. Hij slurpt de spaghetti van je bord, wordt dikker en dikker en neemt je uiteindelijk mee op zijn rug – de ondergang en vernietiging tegemoet.

Stromae is zoon van een Belgische moeder en een Rwandese vader. Zijn hit ‘Papaoutai’ gaat over zijn eigen vader, die hij nauwelijks gekend heeft en is omgekomen in Rwanda. Maar het lied raakt ook een breder probleem in onze samenleving: afwezige vaders. Stromae zingt onder andere (vertaald uit het Frans):

Mama zegt dat hij nooit ver weg is
Dat hij heel vaak weggaat om te werken
Mama zegt dat werken goed is
Beter dan in slecht gezelschap zijn, nietwaar?
(…)
Waar ben je? Papa waar ben je?
(…)
Zullen we verafschuwd worden?
Zullen we bewonderd worden?
Verwekkers of genieën?
Zeg ons wie gaf de geboorte aan onverantwoordelijkheid?
Iedereen weet hoe je baby’s maakt
Maar niemand weet hoe je papa’s maakt

Een andere wereld

Toegewijde papa’s zijn cruciaal in een samenleving. Maar misschien is die hunkering naar echt vaderschap ook een hunkering naar iemand die op deze aarde uiteindelijk niet te vinden is. Naar iemand uit een andere wereld. Jacques Brel, een inspiratiebron van Stromae, droomt ervan in het lied ‘L’Homme dans la cité’. Hij zingt over ‘iemand uit velen’ die op een dag zomaar je stad komt binnenwandelen: ‘Iemand die zijn liefde wilde delen, onze scepsis was gedaan.’

Liep er maar iemand uit velen
De stad in waar we bestaan
Hij goot een psalm in de kelen.
Had een blik vol zon en maan.
Hij die nimmer knielen zou
Voor het goud of voor de roem
Enkel voor het plukken van een bloem
En hij jaagde weg uit ons
Uit ons aller vege lijf
De harde vent, het liefdeloze wijf*

*Vertaling: Benno Barnard

Auteur: Gertjan de Jong op Habakuk.nu

Wat zijn voor jou de juiste ingrediënten van een papa?